EK-medaille troostprijs Merijn Scheperkamp en Bart Hoolwerf
Merijn Scheperkamp tijdens de NK Afstanden 2025.
Fotocredits: Geert Lommers/Jij en Sport
Op het EK afstanden in Polen ontbrak vrijwel de gehele Nederlandse lange baan-ploeg die naar de Winterspelen gaat. Het bood schaatsers die naast de olympische kwalificatie grepen de kans iets van hun seizoen goed te maken. Zoals Bart Hoolwerf. De Eemdijker pakte zilver op de massastart. Dat deed ook Merijn Scheperkamp met de teamsprinters, terwijl hij zowel op de 500 als de 1000 meter net naast het podium belandde.
Vooral op de 1000 meter was dat een zure vierde plaats want de schaatser van SIV Zeist kwam met 1.09,65 vierhonderdste tekort voor een medaille. Zilver was er op deze afstand voor Tim Prins die de Spelen mist door een omstreden besluit van de selectiecommissie. Die gaf een aanwijsplek aan Marcel Bosker voor de ploegenachtervolging, terwijl Prins boven hem in de selectievolgorde was geëindigd. Het OKT hing dan ook als een loden sluier boven de pechvogel van het jaar. ‘Op karakter’ reed Prins naar de tweede plaats, achter thuisrijder Damian Zurek.
Scheperkamp kreeg de kans op revanche op de teamsprint door het afzeggen van Prins, die door alle perikelen de energie miste. Na Stefan Westenbroek en Kayo Vos mocht hij het afmaken. Alle drie zijn het specialisten op de kortste afstand, de 500 meter, zodat Scheperkamp het heel zwaar had in de laatste ronde. Het geïmproviseerde Oranje trio reed evenwel uitstekend en kwam slechts twee honderdsten tekort voor de Europese titel.
Merkwaardig was dat de achtervolgingsploeg bestaande uit de genoemde Bosker, Chris Huizinga en de revelatie van het OKT Stijn van de Bunt uit Lopik, ontbrak in Polen. Het was een uitgelezen mogelijkheid om een keertje in wedstrijdverband te oefenen, maar bondscoach Ritsma verklaarde dat hij ze uit de wind wilde houden voor de ‘riooljournalistiek van de NOS’. Het leidde tot onbegrip bij het analistenduo van de NOS Mark Tuitert en Erben Wennemars: ‘Hier ervaar je de wedstrijddruk die in trainingen ontbreekt, een wedstrijddruk die op de Spelen nog veel groter zal zijn.’
Prins bleek na een dagje rust weer wat opgekrabbeld en pakte op de 1500 meter brons. Het had zelfs zilver kunnen zijn maar zijn gifbeker was nog niet leeg. Op de kruising werd hij wat benadeeld door zijn tegenstander en dat scheelde al gauw een paar tienden. Geruime tijd deed ook Wesly Dijs nog mee om de medailles, maar de man uit Soest, die op het OKT wat last had van zijn lies, viel in de laatste ronde terug. Hij werd uiteindelijk tiende. Het goud was voor de Noor Peder Kongshaus, die in de laatste rit de verrassende Vladimir Semirunniy naar de tweede plaats verwees. De naar Polen gevluchte Rus had eerder de 5 kilometer gewonnen en zal in Milaan een geduchte concurrent zijn voor Stijn van de Bunt. Als hij tenminste op deze afstand mag meedoen want Semirunniy is – na een totaal verprutste eerste World Cup – als reserve afhankelijk van een uitvaller. De Lopiker zal hem wel treffen op de 10 km.
Op de massastart ging het goud naar de geslepen Bart Swings. Bart Hoolwerf was eindelijk eens goed gepositioneerd en sprintte ondanks een paar misslagen op het laatste stuk naar zilver. Hij uitte op een beschaafde manier zijn frustratie over het missen van de Spelen voor de camera van de NOS. ‘Die aanwijsplek voor Bosker had toch ook voor de tweede man op de massastart kunnen zijn? Daar is de kans op goud toch groter dan op de ploegenachtervolging?’
